Gezondheid & Infrarood

Wat is infrarood?

Het prefix ‘infra’ komt uit het Latijn en betekent ‘onder’. Het woord ‘infrarood’ verwijst dan ook naar een zone in de elektromagnetische straling die zich onder het rode uiteinde van het zichtbare lichtspectrum bevindt. Het voor ons onzichtbare infraroodspectrum omvat het golflengtebereik van 780 nm tot 1.000.000 nm (nanometer).

Omwille van zijn verwarmende en weldoende effect wordt infraroodstraling vaak ook ‘warmtestraling’ genoemd.

Bijzondere kenmerken van infraroodstraling

Infraroodstraling brengt warmte contactloos op de huid over. De straling vervoert in principe alleen de warmte; de straling zelf heeft geen enkele werking. Bij deze vorm van warmteoverdracht worden de warmteafweermechanismen van de huid het minst zwaar belast.

Dat levert enkele voordelen op:

• Infraroodstraling hindert de warmteregeling van de huid het minst;

• De straling werkt contactloos (geen druk en geen noodzaak om delen van de huid af te dekken);

• De techniek kan gemakkelijk worden geregeld en aan het warmteopnemend vermogen van de huid worden aangepast.

Daarbij dient men op het volgende te letten:

• De grenswaarden voor de bestraling (80-100mW/cm² voor de huid en 8-10mW/cm² voor de ogen) moeten worden nageleefd;

• De eigen temperatuur van de huid mag niet te hoog oplopen – de maximale waarde van 43 °C mag niet worden overschreden, omdat de huid anders plaatselijk zou kunnen beschadigd raken. Deze grenswaarde moet bij alle types warmtetoepassingen worden gerespecteerd.

Dieptewarmte door infraroodstraling

Infraroodstraling is de beste manier om warmte toe te voeren naar het lichaam – de techniek werkt contactloos en verstoort ook de warmteregeling van de huid niet. Wanneer infraroodstralen het lichaam raken, worden ze in principe door de bovenste huidlagen opgenomen en in warmte omgezet, waardoor ze niet verder in het lichaam doordringen. Het lichaam verhoogt in die omstandigheden de doorbloeding van de  huid, zodat de huid afkoelt. Warmte kan alleen door het bloed worden vervoerd en in het lichaam worden verdeeld. Hoe die verdeling van het verwarmde bloed gebeurt, wordt in de eerste plaats bepaald door de manier waarop het warmteregelsysteem van het lichaam op de warmtetoepassing reageert.

Dieptewarmte is alleen mogelijk wanneer de warmteregeling op de gewenste manier wordt gestimuleerd.